Bij sommige mensen komen de tranen bij het minste of geringste, een reclame, een lied, een blik van iemand die het even niet redt. Bij anderen gebeurt het tegenovergestelde: verdriet zit muurvast, terwijl je vanbinnen voelt dat er iets is dat eruit zou willen. Beide uitersten, te makkelijk huilen of juist helemaal niet kunnen huilen, hebben vaak dezelfde wortel: een zenuwstelsel dat door jeugdtrauma anders leerde omgaan met gevoel.
Geen van beide is een fout in jou. Het zijn twee verschillende manieren waarop je lichaam ooit een manier vond om met te veel gevoel om te gaan.
Waarom huilen soms muurvast zit
Als huilen in je jeugd tot straf, spot of nog meer afstand leidde, dan leerde je lichaam op een gegeven moment: dit is niet veilig om te doen. Je traanklieren zijn dan niet het probleem, je zenuwstelsel houdt de rem erop, als een oude beschermingsstrategie die nog altijd actief is, ook al is de situatie allang veranderd.
Je voelt dan misschien wél een brok, een zwaarte, een druk achter je ogen, maar er komt niets. Dat is geen falen in emotieregulatie, het is juist een teken van hoe goed je zenuwstelsel ooit leerde om je te beschermen tegen een omgeving waarin gevoel tonen niet veilig was.
Waarom het bij anderen juist overweldigend gaat
Bij een deel van de mensen met jeugdtrauma werkt het net andersom: gevoel is er in overvloed, en de tranen komen snel en heftig, soms om dingen die op het eerste gezicht klein lijken. Dit hangt vaak samen met hooggevoeligheid in combinatie met jeugdtrauma: een zenuwstelsel dat sowieso al meer prikkels binnenlaat, gecombineerd met jaren aan onverwerkte emoties die nu, eindelijk, ruimte vinden om eruit te komen.
Dit herken je misschien in beide vormen:
- Je huilt om dingen die “niet erg genoeg” lijken om zoveel emotie te verdienen
- Je voelt je na het huilen opgelucht, maar ook een beetje beschaamd
- Of, aan de andere kant: je wilt huilen, maar je lichaam laat het simpelweg niet toe
- Je merkt dat verdriet zich soms als iets anders uit, hoofdpijn, vermoeidheid, prikkelbaarheid, in plaats van tranen
Terug leren voelen, in je eigen tempo
Als huilen muurvast zit, helpt het zelden om jezelf te dwingen tot tranen. Wat wél helpt, is je zenuwstelsel via je lichaam geruststellen dat gevoel er nu wél mag zijn: langzame, diepere ademhaling, een hand op je hart, jezelf hardop toestemming geven. Kleine, veilige signalen die je systeem langzaam laten wennen aan het idee dat emotie tonen geen gevaar meer is.
Als tranen juist overweldigend snel komen, helpt het om te leren pauzeren voordat de golf je meesleept, niet om het gevoel te onderdrukken, maar om er even bewust bij te kunnen blijven in plaats van erdoor overspoeld te worden. Ademhalingsoefeningen om je zenuwstelsel te kalmeren kunnen daarbij een concreet startpunt zijn.
In beide gevallen gaat het uiteindelijk om hetzelfde: emotieregulatie leren als volwassene, niet door je gevoel te forceren of te onderdrukken, maar door je zenuwstelsel stap voor stap te leren dat voelen, in welke vorm dan ook, weer veilig is.
Wil je hier zelf nog dieper induiken?
Start met het gratis meditatiepakket.
Boekentip
(Te)veel voelen — Imi Lo
Een boek dat precies dit onderwerp raakt: intense emoties die je soms overspoelen, of juist muurvast lijken te zitten. Lo helpt je begrijpen waarom je zo voelt zoals je voelt, zonder dat als een probleem te framen dat opgelost moet worden.
Veel liefs,
Krista
